Sinds 2019 biedt de Duitse supermarktketen Lidl een aantal fairtradeproducten aan in een assortiment met de naam Way To Go. Chocolade, koffie, cashewnoten… In de loop der jaren is het assortiment gegroeid, maar de oorspronkelijke missie is gebleven: kleine producenten in staat stellen voldoende inkomen te hebben.
Way To Go is de naam van het fairtrade-merk van Lidl, dat nu al enkele jaren verkrijgbaar is. In België omvat het momenteel zes soorten chocoladerepen (waarvan er binnenkort een zevende bijkomt) en twee soorten koffiebonen. In andere markten omvat het assortiment ook cashewnoten en sinaasappelsap. De Belgische tak van de keten onderzoekt momenteel de mogelijkheid om deze twee producten op termijn ook in België aan te bieden.

“Het initiatief was oorspronkelijk een samenwerking tussen het Fairtradelabel, de ngo Rikolto, die gespecialiseerd is in de landbouwsector, de Ghanese coöperatie Kuapa Kokoo en Lidl België”, legt Ines Verschaeve, duurzaamheidscoördinator bij Lidl BeLux, uit. “In september 2019 lanceerde onze keten vier soorten chocoladerepen. Een jaar later werden die ongeveer in 2.000 winkels in Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en Nederland verkocht. En in 2022 gaf de Belgische dochteronderneming van de Duitse keten een nieuwe impuls aan het project door het uit te breiden naar koffie.”
Eén doel, drie pijlers
Of het nu gaat om cacao, koffie, cashewnoten of sinaasappelsap, het doel van Lidl met Way To Go blijft hetzelfde: de arbeids- en levensomstandigheden verbeteren van kleine boeren in risicolanden waar agrarische grondstoffen worden geproduceerd, en dat op de lange termijn. “Om dit te bereiken, richten we ons op drie belangrijke gebieden: het verhogen van het inkomen, opleiding en ontwikkeling, en gendergelijkheid”, vervolgt Ines Verschaeve.
Wat het eerste punt betreft, werkt Lidl samen met Fairtrade om producenten een minimale aankoopprijs te garanderen voor hun producten (Fairtrade-minimumprijs) en een extra premie (Fairtrade-premie). Die kan worden geïnvesteerd in commerciële of gemeenschapsprojecten. Daarnaast betaalt Lidl ook een eigen extra premie aan de boeren (Income Improvement Premium), waarvan een deel rechtstreeks aan de boeren wordt uitbetaald om hun individuele inkomen te verbeteren. De tweede pijler waarop wordt ingezet vloeit voort uit het resterende deel van deze premie, namelijk de financiering van de verschillende opleidingen die aan boeren worden aangeboden om hen te helpen hun landbouwmethoden te verbeteren en nieuwe inkomstenbronnen te ontwikkelen. Ten slotte zijn sommige onderdelen van het Way To Go-project specifiek ontwikkeld om vrouwelijke boeren te ondersteunen.
“We werken nauw samen met onze Fairtrade partner omdat zij over de nodige lokale kennis beschikken om dit soort projecten te ontwikkelen”, voegt de duurzaamheidscoördinator van Lidl BeLux toe. “Bovendien gaat de extra premie die Lidl betaalt eveneens via het Fairtrade-label naar de coöperaties. Zij investeren dit geld vervolgens in opleidingen voor hun leden, diversificatie van de producten die ze telen, enzovoort.”
Hoeveel deze premie precies bedraagt, is moeilijk te zeggen. “Het is moeilijk om een vast bedrag te noemen, omdat dit van veel factoren afhangt, te beginnen met de prijs van de grondstoffen”, zegt Ines Verschaeve. “Maar er zijn altijd extra middelen bovenop de Fairtrade-premie”, verzekert ze ons.
Nog geen leefbaar loon bereikt
Voor de levering van Way To Go-cacao werkt Lidl samen met twee Ghanese coöperaties (de Kuapa Kokoo Farmers Union en de Kukuom Cooperative Cocoa Farmers and Marketing Union) goed voor in totaal meer dan 2.200 cacaoboeren. Sinds de start van het programma in Ghana noemt de Duitse distributeur als belangrijkste resultaten: het feit dat meer dan 3.300 boeren hebben kunnen deelnemen aan Village Savings and Loan Associations (VSLAs), dat er al 419.000 cacaoplantjes zijn uitgedeeld aan bijna 1.000 boeren om oude boerderijen te rehabiliteren, en dat de productie van zeep, yams, honing en rijst is gestart.

Voor koffie werkt Lidl rechtstreeks samen met de coöperatie COMSA in Honduras. Daar wist het fairtrade-netwerk van Lidl 178 vrouwelijke producenten bij het project te betrekken, 57 boeren te ondersteunen om hun gewassen te diversifiëren en 30 vrouwen te helpen om meer resistente koffieplanten te telen.
Maar ondanks deze successen hebben de producenten die de grondstoffen voor het Way To Go-assortiment leveren nog steeds moeite om een waardig inkomen te verdienen. “Op dit moment hebben we nog geen leefbaar loon voor alle boeren bereikt, vooral omdat er zoveel verschillen tussen hen bestaan op het vlak van salaris”, geeft Ines Verschaeve toe. “We zijn er echter van overtuigd dat we dankzij de extra premie die in de coöperaties wordt geïnvesteerd dit essentiële inkomen uiteindelijk systematisch zullen bereiken, waarbij productdiversificatie en verbeterde werkinstrumenten de boeren in staat stellen om zelfstandig naar deze drempel toe te werken.”
“We geven je geen keuze tussen een duurzaam product en een minder duurzaam product”
Waarom breiden we Way To Go dan niet uit naar veel meer producten? ‘Ons concept richt zich vooral op bijzonder kritieke grondstoffen, zoals cacao of koffie’, legt de duurzaamheidscoördinator uit. Maar we verfijnen onze aanpak voortdurend op basis van onze bevindingen en voegen nieuwe producten toe. Bovendien stellen onze interne projecten en vertrouwde partners ons in staat om ons te richten op de gebieden waar we de meeste invloed hebben, namelijk onze eigen toeleveringsketens’.
Ines Verschaeve sluit af met een herbevestiging van de vastberadenheid van Lidl om eerlijk te handelen en, meer in het algemeen, duurzaamheid te bevorderen. “We willen onze consumenten informeren over de toegevoegde waarde van Way To Go-producten. Bovendien geven we onze consumenten soms niet eens de keuze tussen een duurzaam product en een minder duurzaam product. Zo zijn al onze bananen duurzaam gecertificeerd en hebben we de kloof tussen het leefbaar loon in deze keten gedicht, terwijl al onze cacao een duurzaamheidscertificaat heeft, wat in dit geval een eerste stap is naar een leefbaar loon.”
Interview door Anthony Planus voor Enabel’s Trade for Development Centre